Volcano the Bear: muzikale surrealisten

r-710428-1461337608-5414-jpeg

613ujnaog8l-_ss500

De eigenzinnige, soms melancholiek-maniëristische, dan weer mesjogge Britse formatie Volcano the Bear (Daniel Padden, Aaron Moore, Nick Mott, Clarence Manuelo) kreeg enige bekendheid in underground-kringen met vroege albums “Inhazer Decline” (in 2000 verschenen op Steven Stapletons United Diaries label, dat eerder ook Nurse With Wound-platen & assorted uitbracht), “The One Burned Ma” (2000)  en “The Idea of Wood” (2003). Daarna waaierde het werk van de bandleden over allerhande solo-projecten en samenwerkingsverbanden uit.

Post-hiatus VTB plaat “Classic Erasmus Fusion”, dat in 2006 verscheen, beslaat 4 plaatkanten, telt 19 nummers (de 7″ meegerekend), allen goed, en is dan ook meteen een schot in de muzikale roos als een soort “The White Album” voor Residents-liefhebbers, een rijk geschakeerd amalgaam van avantpop, dada song, noise, spookachtige folk, drone, vrije vorm improv, beatleske escapades en gammele kitchen sink lo-fi dat bij elkaar genomen een toonbeeld van typische Engelse eccentriciteit is. “Classic Erasmus Fusion” was een instant klassieker, zoals die nog maar weinig in de avantpop gemaakt worden. In The Wire Album Top 50 voor 2006 eindigde de plaat op #39 (daarbuiten, niet in het minst door de Engelse muziekpers, natuurlijk volledig veronachtzaamd!). VTB was/is de This Heat voor het post-2000 tijdsgewricht, ietwat meer theatraal absurdisme dan serieuze aanklacht, op het eerste gehoor minder politiek bewust dan de laatste, maar met hetzelfde gevoel voor eigengereide songcraft, tegendraadse arrangementen en balorige instrumentatie (er wordt veel gebruik gemaakt van onpop-achtige instrumenten zoals fluit, clarinet, recorder en trompet en wat dies meer zij, wat het outré-karakter van de muziek ten enenmale verhoogt). Amper twee jaar later verscheen het prachtige “Amidst the Noise & Twigs” (ofschoon ik destijds ietwat teleurgesteld was, getuige mijn recensie van toen; zie hieronder).

Verrassenderwijs kwam, pas 5 jaar later, in 2012 op het Noorse Rune Grammafon—dat normaliter slechts Noorse artiesten uitbrengt—een nieuw extra fijn studio-album uit: “Golden Rhythm/Ink Music”; op dit album vol contrair experiment, dat op een nummer als “Fireman Show” zelfs als onze eigen De Kift klinkt, is VTB nog slechts een duo. Een grootschalig 5LP retrospectief “Commencing“, met archief materiaal en allerhande odds and ends (grosso modo een stuk meer lo-fi en noisy dan de reguliere albums, beslist niet een compilatie van “greatest hits” of zoiets faux-pas), verscheen vorig jaar—de box set is overigens ontworpen door niemand minder dan Erik Skodvin, de man achter het subliem-duistere Svarte Greiner). Ik heb die box helaas niet (te duur). In ieder geval, voor degenen die éen VTB album overwegen is “Classic Erasmus Fusion” een absolute killerplaat.

Luister ook naar bandlid Daniel Paddens solo werk (“Pause for the Jet”, Dekorder 2008), de platen van de eenmans-plus-band The One Ensemble of Daniel Padden (m.n. “Wayward the Fourth”, Secret Eye 2007 en “Other Thunders”, No-Fi 2009), en de wonderlijke dissonante folk/drone/noise/soundscaping met lichtelijk Zuidamerikaanse inslag (noise cum Patagoonse steppeklanken!) op de LP “Brokebox Juke” (No-Fi 2009) van het duo Aaron Moore en Alan Courtis (hij van het Argentijnse Reynols).

Beide albums “Classic Erasmus Fusion” en “Amidst the Noise & Twigs”, waarvan ik mijn toenmalige recensies hieronder heb bijgevoegd, kwamen op het Amerikaanse kwaliteitslabel Beta Lactem Ring records uit. “Classic Erasmus Fusion” verkoos ik voor Neergeslagen Ogen eind 2009, uit honderden gegadigden, tot de #8 in mijn eigen Top-10 voor de jaren Nul. Dat moet genoeg zeggen over mijn hoogachting voor dit, inderdaad ‘klassieke’, dubbelalbum vol country side noise.

VOLCANO THE BEAR — Classic Erasmus Fusion (cd/2xlp Beta Lactem Ring 2006)

Distinctively Albion. Nobody does the quirky, eerie folk stuff better than the English. This is why England is an island, and will never be totally part of the continent nor suck up to the Imperial United States of America. The Brits are different, and they can’t help it (they are the necessary corrective to Europe’s monolith). Volcano the Bear is neither pop nor rock nor industrial or culture industry style folk singer-songwriting or any mix thereof. If authentic is still allowed today, then it applies to Volcano the Bear. Their obliqueness, their waywardness is reminiscent only of that other pillar of British eccentricity: This Heat, which often gets lumped together with post-punk, a meaningless moniker. Like This Heat, Volcano the Bear invent their own technique for making the idiosyncratic sounds they make. Volcano the Bear, who hail from Leeds, are however different from the Londoners of This Heat in that their music has a slightly more outlandish, transcendental, quality as opposed to This Heat’s overt political sincerity that one cannot fail to associate with what must have been very depressing living standards in the early eighties in South London (for chrissakes: Charles Hayward started out on a daily menu of porridge only, but that was even before the eighties). However much removed from the political urgency of those miserable Thatcher years, Volcano the Bear seem to effect a similar life-affirming excitement through the sheer brilliance of songwriting untrammeled by technique let alone by the conventions of the music business.

***

VOLCANO THE BEAR — Amidst the Noise and Twigs (cd Beta Lactem Ring 2008)

After last year’s masterpiece “Classic Erasmus Fusion”, one was hoping for an inspired repeat. Although “Amidst the Noise & Twigs” is certainly no dud, it does at first blush not live up to expectations. Too often the songs remain stuck in arch minstrelsy, exemplified by overbearing flute exercises and clumsy percussion; or worse, the songs are nothing but unhinged vocal/tape experiments that go nowhere, such as on ‘Cassettes of Berlin’. It is as if VTB are intent on playing down the sincerity inherent in their music. Whimsicality has always been their prerogative, but it seems this time the zaniness got the better of them. Nevertheless, on ‘Splendid Goose’ for example, they demonstrate to be still capable of extracting a transcending aural configuration from brass and strings against the backdrop of a propulsive medieval beat. On ‘She Vang Moon’ [ED: mooie Captain Beefheart titel] they come close to what made “Classic Erasmus Fusion” great. ‘One Hundred Years of Infamy’ (great title that) is positively weird. VTB are prototypically English in their way of sourcing primeval subjectivity that may thwart the inexorable dialectics of today’s limited musical palette in pop; that is reason enough to lend one’s ear to “Amidst the Noise & Twigs”.