The Wire Rewind 2010-2017: de beste (niet-klassieke) muziek van het decennium tot nu toe—Deel 5: 2014, 2016, 2017

Eerder schreef ik over de Wire-jaarlijsten in de periode 1997 tot 2012. Nu het op de kop af 20 jaar geleden is dat ik begon met het jaarlijkse uitvlooien van de Wire top-50 albumlijsten (beginnend met de januari-issue van 1998, die toen nog echt in januari uitkwam!) lijkt het me een goede gelegenheid om het decennium tot nu toe eens onder de loep te nemen (van 2010 tot afgelopen jaar). Dit alvast als een aanloop tot de ’10-beste-albums-van-de-jaren-10′-lijst(en) die ik eind 2019 wil samenstellen. Ik las de Wire overigens al sinds 1993, het jaar ook dat ik voor Opscene begon te schrijven; maar op een of andere manier was voor mezelf lijstjesmaken vóór 1998 niet mijn lichtelijk neurotische hobby, terwijl ik als relatieve laatbloeier toen toch al zo’n twaalf jaar actief naar indie-muziek luisterde (sinds 1985). De laatste keer dat ik me überhaupt intensief met lijstjes bezighield was toen OOR-critici  in 1989 De Twintig van Tachtig kozen (die lijst en de individuele lijsten van een aantal scribenten mogen er nog steeds wezen, dunkt me; zie ook mijn eigen jaarlijstjes voor de periodes 1965–1989 en 1990–2009).

In mijn eerdere post over de Wire-lijsten 1997–2012 beschreef ik zeer anekdotisch en subjectief mijn bevindingen over een aantal in die lijsten genoemde albums en maakte ik een keuze van 10 platen uit al de Wire top-10s van die jaren, platen die er wat mij betreft nog steeds absoluut toe doen (ofschoon die keuze niet identiek zou zijn als ik los van the Wire zo’n top-10 zou moeten samenstellen, wat geen sinecure is, gezien de enorme vloed aan kwalitatief sterke albums die in die jaren zijn uitgebracht). In plaats van zo’n top-10 voor het huidige decennium samen te stellen heb ik een vijftiental Nederlandse journalisten, bloggers, radio-DJ’s cq muzikanten/DJ’s gevraagd om voor ieder jaar van 2010 t/m 2017 hun persoonlijke top-10 samen te stellen. Dat geeft mijns inziens, gezien hun diverse, zeer uiteenlopende smaken, een uitstekend beeld van wat er aan belangwekkende muziek in de afgelopen zeven jaar is uitgebracht (gemakshalve wordt klassieke muziek, inclusief ‘nieuwe muziek’, in de strikte zin—grofweg ‘partituur-gebaseerde gecomponeerde muziek die niet door de componist zelf wordt uitgevoerd’—buiten beschouwing gelaten). Vergelijkenderwijs heb ik naast de top-10 van the Wire van elk jaar ook die van the Quietus en Spex meegenomen—dat zijn naast Dusted en Resident Advisor naar mijn idee de meest interessante hedendaagse internationale muziektijdschriften, maar omdat die twee laatstgenoemden geen jaarlijkse top-10s publiceren (overigens wel overzichten), heb ik die niet meegenomen. Als laatste wordt ook een niet-uitputtend lijstje toegevoegd van willekeurige, edoch mijns inziens belangwekkende albums die in geen van de overige lijstjes voor dat jaar worden genoemd.

Elk jaar zal in een afzonderlijke post kort worden ‘geanalyseerd’. Die ‘analyse’ moet men niet al te serieus nemen. Het is niet meer dan mijn subjectieve kijk op elk jaar en de Wire-lijst in het bijzonder. Ik heb niet de intentie om op basis van de beschouwing van de lijstjes tot statistisch relevante bevindingen te komen, noch om een sociologisch dan wel muzikaal diepgaande of zelfs maar adequate beschouwing ten beste te geven. Ik oordeel zuiver uit hoofde van muzikale smaak, en smaak is altijd subjectief, hoezeer smaak—zoals Immanuel Kant al beweerde—ook altijd een claim op universele waarheid legt (geen enkele smaak is immers beter dan je eigen smaak!). Mijn keuzes zijn bovendien volstrekt willekeurig en beperkt tot een aantal in het betreffende jaar opvallende artiesten. Je zal merken dat de liefde voor de onder invloed van de huidige sterk gepolitiseerde Zeitgeist steeds grotere populariteit van R&B in strikte zin (zowel bij de scribenten van the Wire, the Quietus als Spex en meer in ’t algemeen; zie vooral ook FACT, Pitchfork en RA) bij mij vrijwel nihil is. Gelukkig lijken de andere bijdragers getuige hun lijstjes daar net zo over te denken, ofschoon ik natuurlijk slechts voor mezelf spreek. (Hiphop is natuurlijk een heel ander verhaal; zie het overzicht hier.) In ieder geval gaat het met name om de lijstjes zelf, die voor zich spreken en genoeg zeggen over de veelzijdigheid van de hedendaagse muziek—ook los van de Zeitgeist. De lijsten en het bijbehorende ‘essay’ zullen chronologisch worden gepost.  

De lijsten voor 20102011,  2012 en 2013 werden eerder dit jaar gepost. 2015 volgt binnenkort met een gast-essay van Harry Prenger over Kamasi Washington’s album “Epic” [UPDATE: 2015 kan hier gelezen worden]. Voor de jaren 2014, 2016 en 2017 volsta ik met de lijstjes—zie hieronder. Dit is niet omdat er niets interessants over deze jaren te schrijven valt, maar ik heb gewoonweg geen tijd en zin meer. Wel zal ik dit jaar nog aparte essays schrijven over Ben Frost, My Bloody Valentine en Puce Mary & Pharmakon. Zie ook mijn stuk over Ectoplasm Girls. Over Ariel Pink en Aphex Twin’s “Syro” en Plastikman’s “Ex” hoop ik ook nog iets te schrijven. Dank in ieder geval aan alle lijstenbrijers voor hun jaarlijstjes. Om de lijstjes hieronder groter te maken, gewoon erop clicken!

2014


2016


2017

 

Advertenties

Een gedachte over “The Wire Rewind 2010-2017: de beste (niet-klassieke) muziek van het decennium tot nu toe—Deel 5: 2014, 2016, 2017”

Reacties zijn gesloten.