10 jaar Atavism

snd — Atavism (Raster Noton, 2009 [cd] / 2010 [sd-card])

Sinds hun eerste drie 12″s, die ik destijds nog bij Staalplaat aan de Staalkade in A’dam heb gekocht (those were the days!), en alleen maar gekenmerkt werden door telefoonnummers uit Sheffield op verder plain grey covers, en hun eerste LP Makesndcassette, mijn plaat van het jaar 1999, ben ik grote fan van het werk van Mark Fell en Matt Steel als het duo snd (na die LP volgden nog stdio en tender love). Ik heb ze slechts één keer live gezien in het voorprogramma van Autechre. Ze begonnen als een soort gortdroge, kale glitch variatie op two-step/garage maar in hun periode na de comeback in 2008 met de opzwepend sublieme, redelijk obscure (en nu onbetaalbare) 3XLP 4,5,6 is het muzikale palet allengs radicaler, experimenteler, meer techno, maar ook academischer geworden. Mark Fells solowerk is fenomenaal; in korte tijd bracht hij tussen 2010 en 2012 vier experimentele meesterwerken uit: Multistability (op Raster-Noton), UL8Manitutshu en Sentielle Objective Actualité (alle drie op Editions Mego). Toonbeelden van hoe je academisch geïnspireerd experiment combineert met de opwinding van techno. Maar snd’s reguliere comeback-plaat Atavism (ook op remastered 96kHz/24 bit soundcard!!) is ook niet te versmaden, zoals ik duidelijk maakte in een recensie op CUT-UP in 2009 (zie de tekst daarvan hieronder).

Nadien hebben ze alleen nog maar een split 12″ met NHK op het PAN-label uitgebracht, alsmede expanded 2XLP-versies van voornoemde drie vroege EPs. Hopelijk komt er nog eens een tweede comeback. Fell’s zoon Rian Treanor maakt overigens ook muziek in dezelfde hoek. Dit jaar kwam zijn voortreffelijke langspeler Ataxia uit.


Tekst van de Cut-Up-recensie uit 2009

Dit is vrij duidelijk. Met gemak album van het jaar. Na de verbluffende package van de drie 12-inches van vorig jaar [ED: 4,5,6 uit 2008], uitgebracht op hun eigen label, is er nu, na zeven lange jaren (!), de nieuwe reguliere cd van de beste clicks & cuts outfit die er überhaupt ooit is geweest, is, en zal zijn. Vergeet eigenlijk clicks & cuts. Snd is de essentie van elektronische ritme-georiënteerde muziek en kent geen evenknie. Period. Wat Mark Fell en Mat Steel op deze, pas vierde cd doen, overtreft zelfs Autechre’s stoutste experimenten [ED: dit was natuurlijk geschreven voor Exai, Elseq en NTS Sessions] — en geloof me, dat wil wat zeggen als je Autechre late stijl live hebt meegemaakt. Atavism komt heel dicht in de buurt van de frisheid en genialiteit van snd’s eerste drie 12”s uit de late jaren negentig, of hun debuutalbum Makesndcassette, dat verscheen op het toen nog bestaande Mille Plateaux.

Waarschuwing vooraf: dit is obstinate muziek strikt voor de connaisseur. Het is allemaal gortdroge en extreem snel geprogrammeerde kick drum, cymbalen en het spel met de faders. Zonder enige opsmuk of analoge noise, die het de luisteraar makkelijk zou maken. Neem track 6 (geen titels, please). Het begint met houterige, Autechre-achtige beats en wat lijkt op een sinewave, die voortduurt en de basis blijft vormen voor de ritmetrack die zich vervolgens alerter aandient; ritme is hier niet het ding zelf, de bepalende grond, maar het intentionele object. De sinewave weeft zich dan subtiel in het ritmepatroon, om daarop naadloos, in de overgang naar het volgende nummer, in een andere maatsoort over te gaan (spelen met maatsoorten is sowieso een specialiteit van snd). Track 9 is fenomenaal: loepzuivere en rapide in- en uitfadende kick drum met vlijmscherpe bekkens en hi-hats, met een gekortwiekt toefje echo als terugkerend motief dat de gaten opvult. En dan het interludium van track 11. 1 minuut en 48 seconen lang stuiterende beats met zichzelf verslikkende, totaal gecomprimeerde cymbalen. Niets meer, niets minder. Wie doet het ze na? Zo kan ik wel doorgaan. D’r staat niets op dit album dat je niet in vervoering brengt.

Waar Autechre de complexiteit opzoekt door de chaos — en getuige hun live sets steeds meer de low end — te exploreren, abstraheert snd bij het leven. Het is extreem kale, iele beatmuziek (ok dan, techno) die beslist ondansbaar is. Het is voorstelbaar dat je bij beluistering van zo’n track als … ‘em, track 7 (ja sorry weer, geen titels) denkt: what’s the fuss? Nu, dat is precies wat er zo geniaal is aan snd: geen fuzz! Géen distortion, geen zoemende geluiden, geen fluff, zoals de Britten zouden zeggen. Gewoon kale percussie, kick drums, cymbalen, hi-hats op experte wijze geprogrammeerd, met een minimum aan ornament. Moderniteit pur sang. 

Eerst gepubliceerd in het internetmagazine Cut-Up op 18 maart 2009