Electronica VII: Het “einde” van Electronica (2000 & 2001)

Eind 2018 postte ik een lijst—sindsdien met behulp van input van een aantal anderen geüpdate—van electronica & techno-albums uit 1994, ontegenzeglijk het oerjaar van wat we nu kennen als electronica (in de meest brede zin, dus incluis house, techno, drum ‘n’ bass en downtempo). De roots liggen natuurlijk veel eerder, en house en techno waren in 1994 al lang en breed gevestigde genres, maar electronica of IDM, zoals het toen heette, trad pas echt in 1994 op de voorgrond—met een paar essentiële voorlopers uit de voorgaande jaren (vooral 1992 en 1993 moeten we niet uitvlakken, met klassieke debuten van o.a. Aphex Twin/Polygon Window, Biosphere, Autechre, B12, Black Dog Productions, Sun Electric, Seefeel, Plastikman etc.). [zie nu de lijsten voor 1990-1992 en 1993]

Sommigen zouden misschien willen zeggen dat 1994 het beste electronica-jaar ooit was. Dat is zeer te begrijpen zeker gezien de waanzinnige hoeveelheid kwalitatief hoogstaande platen uit dat jaar, maar ik durf te beweren dat de jaren die erop volgenden, minstens zo goed waren voor het “genre”, zeker de late jaren ’90. Het leek me daarom een goed idee de totaal-lijst met 90s electronica aan te vullen.

Beginnend met de post voor 1995 dus een aantal lijsten, per jaar, van de beste electronica. Volstrekt subjectief uiteraard, want ik selecteer hoofdzakelijk uit eigen collectie—zeker waar het om de late jaren 90 gaat—en voorzover ik me dingen kan herinneren, dus dat betekent automatisch dat de lijsten niet uitputtend zijn. Drum ‘n’ bass, strikte (dark) ambient en downtempo zijn het ondergeschoven kindje bij mij, omdat dat toen niet of niet echt mijn aandacht had. Suggesties voor aanvullingen zijn dus uiteraard welkom.

We begonnen de aanvullende serie met 1995, 1996, 1997, 1998 en 1999, en eindigen nu met het jaar 2001 (2000 en 2001 zullen samengenomen worden, tegelijk met een conceptuele analyse van de glitch en clicks ‘n’ cuts [volgt later op Critique Redux]) (zie hieronder). Waarom tot en met 2001? In 2001 brachten Fennesz en Autechre hun respectieve albums Endless Summer en Confield uit. Dat zijn mijlpalen in electronica en sluiten in feite de ontwikkeling van 90s electronica af—the end of electronica, hegeliaans gezegd.


The End of Electronica

Met Radiohead’s Kid A in 2000 en Björk’s Vespertine uit 2001 brak electronica definitief door tot de mainstream rock en pop. Björk was nummer 1 in The Wire Rewind 2001. Radiohead’s Kid A behaalde de top-3 in de Rewind 2000. Destijds was er enige reuring dat The Wire überhaupt aandacht besteedde, middels een grote recensie, aan een plaat van een mainstream band zoals Radiohead, laat staan het hoofd van Thom Yorke op de cover zette. Zowel Radiohead als Björk hadden een coverstory in The Wire in 2001 (Björk was wel al vaker daar gerecenseerd, maar de coverstory was een first).

Fennesz eindigde dat jaar op nummer 3 met zijn doorbraakplaat Endless Summer, die qua sound in een bepaald opzicht mijlenver afstond van de causticiteit van zijn vorige plaat. Het was en is, met de al dan niet geïntendeerde referentie aan de Beach Boys comp, quintessential electronica’s pop moment.

Ook Missy Elliott’s fantastische door Timbaland geproduceerde plaat Miss E…So Addictive kreeg in 2001 in The Wire een paginagrote recensie van de hand van niemand minder dan Ian Penman—iedereen heeft het tegenwoordig over de doorbraak van het electronische experiment in R&B (met FKA Twigs and the like), maar men vergeet dat Missy Elliott daar al was, twintig jaar geleden! De link tussen hiphop/R&B en electronica was natuurlijk al van meetaf aan intiem, maar met deze plaat werd de relatie tussen hiphop en dance onverbloemd gevierd (zie ook hieronder de platen van Anti-Pop-Consortium, Cannibal Ox en cLOUDDEAD, die electronica en hiphop nog dichter bij elkaar brachten).

Markus Popp, die de glitch in 1994 in de electronica introduceerde—Yasunao Tone experimenteerde live natuurlijk al eerder met broken CDs, maar zijn Solo for Wounded CD kwam pas in 1996 uit—retired het project Oval, als het ware, met 2001’s zeer noisy Ovalcommers; pas in 2010 kwam hij terug met O, dat een geheel ander geluid liet horen.

De beste platen van Mouse On Mars en To Rococo Rot, de belangrijkste vertegenwoordigers van de Duitse electronica-scene uit de jaren negentig zijn ook uit 2001: Idiology en Music is A Hungry Ghost. Nadien hebben beide acts dit niveau nooit meer weten te evenaren; ze vormden het hoogtepunt van een ontwikkeling over verscheidene top-albums die in de tweede helft van de 90s van hen uitkwamen. Vladislav Delay leverde in 2000 en 2001 respectievelijk zijn beide meesterwerken in ambient techno nieuwe stijl af: Entain en Anima, de blauwdruk voor al zijn latere platen, ofschoon de latere Raster-Noton meesterwerken Kuopio en Vantaa een hardere techno-sound ten gehore brachten. Op Entain en Anima geen ambient van de IDM bleep-techno soort uit de begin jaren ’90, maar lang uitgesponnen jazzy/improv geïnspireerde ambient techno dat zich vrijelijk bewoog door het geluidsspectrum.

Autechre bracht in 2001 Confield uit, dat voor ’t eerst een ronduit dystopische sound liet horen waarop ze naderhand voortborduurden: met digital synthesis toverde ze een nieuwerwetse gothic pop tevoorschijn. Voor mij nog steeds hun meesterwerk. Op de vraag welke Autechre de beste is, antwoord ik onherroepelijk en zonder twijfel “Confield”. Ook Matmos kwamen in 2001 met een regelrecht meesterwerk, na 3 uitmuntende platen van een act die, zoals het een recensie in The Wire ooit toepasselijk omschreef, het midden houdt tussen Los Angeles Free Music Society en Autechre. A Chance To Cut was conceptuele sound art en een uitermate pakkende electronica/dance-plaat in een. Dit was hun moment suprême. GAS, een andere Keulse coryfee, sloot zijn magistrale reeks zompige Forsttechno-platen af met het geweldige Pop—het vervolg kondigde zich pas 17 (!) jaar later aan. Pole bracht in 2001 het slotstuk in zijn glitch-trilogie uit. Het concept was uitgekristalliseerd; méér zeggen betekende louter herhaling. Aphex Twin kwam in 2001 met zijn laatste grote statement: Drukqs. Pas 13 (!) jaar later volgde Syro.

Het was ook tekenend dat de tweede Mille Plateaux Clicks ‘n’ Cuts-verzamelaar (ofschoon 3 discs) al minder was dan de trendsettende eerste uit 2000, een dubbelaar. De laatste Clicks ‘n’ Cut, uit 2003, was nog slechts Nachtrag, en baarde nauwelijks opzien. Natuurlijk werden daarna nog fantastische albums in de traditie van Clicks ‘n’ Cuts uitgebracht: ik denk vooral aan de twee meesterwerken, uit respectievelijk 2005 en 2006, Kosmischer Pitch en Tierbeobachtungen van Jan Jelinek, die als Farben met diverse tracks op de Clicks ‘n’ Cuts-comps was vertegenwoordigd. Zijn Loop-Finding Jazz Records uit 2001 was trouwens een regelrechte hit, de electronica-variant van Gang Starr’s jazz-sample based hiphop. Een andere electronica-act die verrassenderwijs in de regelrechte jazz/improv belandde was Spring Heel Jack: van reine drum ’n bass/jungle op hun debuut There Are Strings uit 1995 naar totaal-experiment met hun magistrale Masses uit 2001, het onbetwiste hoogtepunt uit hun œuvre.

In 2001 eindigde, met alle voornoemde platen, de Electronica-boom van de jaren negentig, die echt aanving met de hausse uit het annus mirabilis 1994, with a bang. Natuurlijk kwamen daarna nog grote hoeveelheden electronica-albums uit, en zelfs meesterwerken zoals Boards of Canada’s Geogaddi uit het jaar daarna of Ricardo Villalobos’s Alcachofa uit 2003, en niet te vergeten het latere uit de two-step/garage ontstane dubstep en de twee Burial-albums, maar het gebied was definitief afgebakend en de essentie was uitgetekend in de jaren 1994–2001, de electronica-90s. Het einde van de electronica, net zo min als het einde van de kunst zoals Hegel die afkondigde, betekende vanzelfsprekend geen de facto einde; maar de release van een album zoals Endless Summer kondigde de consolidatie van een genre, met duidelijke parameters, aan. De rest is detaillering, uitkristallisering, technologische precisering, esthetische verfijning. Daarmee is niet gezegd dat Endless Summer per se het beste electronica-album ooit, of zelfs maar van de laatste twintig jaar is; daarover kun je van mening verschillen, en zelf zou ik andere albums prefereren. Het betekent wel dat electronica niet om deze plaat heen kan en zich eraan moet oriënteren. Geen enkele electronica-LP die daarna uitkwam, durf ik te beweren, heeft de status van Endless Summer. Dat zegt genoeg.


Hieronder de top-25 en een aanvullende lijst met andere topplaten voor 2000 en voor 2001. Alle genoemde platen in de top-25 heb ik op LP en/of cd (soms dus in beide formats).

Voor de overige lijsten zie de links voor: 1990–1992199319941995, 199619971998 en 1999.


Top-25 2000 (alles op LP en/of CD)

  1. Vladislav Delay — Entain
  2. Arovane — Atol Scrap
  3. Autrement Qu’Être — II
  4. General Magic — Rechenkönig
  5. Monolake — Ice.Stratosphere 12″
  6. C-Schulz & Hajsch — s/t
  7. snd — stdio
  8. Thomas Brinkmann — Klick
  9. Two Lone Swordsmen —Tiny Reminders
  10. Mika Vainio — Kajo
  11. Ekkehard Ehlers — Betrieb
  12. V/A — Liley of the Valley
  13. Dean Roberts — And the Black Moths Play the Grand Cinema
  14. Biosphere — Cirque
  15. Gas — Pop
  16. Repeat (= Toshimaru Nakamura & Jason Kahn) — Temporary Contemporary
  17. Tetsu Inoue — Fragment Dots
  18. Pan Sonic — Aaltopiiri
  19. Christian Marclay & Otomo Yoshihide — Moving Parts
  20. Ultra-Red — Structural Adjustments
  21. Isolée — Rest
  22. Oval — Ovalprocess
  23. Monolake — Gravity
  24. Anti-Pop Consortium — Tragic Epilogue
  25. Microstoria — Model 3, Step 2

En verder (alles met 👈🏿 op LP en/of CD)

  • Add N to (X) — Add Insult to Injury 👈🏿
  • Arovane — Tides 👈🏿
  • Autechre — Peel Session II 👈🏿
  • The Avalanches — Since I Left You
  • Biosphere & Higher Intelligence Agency — Birmingham Frequencies 👈🏿
  • Broadcast — The Noise Made By People 👈🏿
  • Chicks on Speed — Will Save Us All
  • Coil — Musick to Play in the Dark Volume 2
  • Kevin Drumm — Comedy 👈🏿
  • Eardrum — Last Light 👈🏿
  • Electronic Eye — Neurometrik
  • Brian Eno — Lightness: Music for the Marble Palace 👈🏿
  • Fennesz — Live at Revolver, Melbourne 👈🏿
  • Flanger — Midnight Sound
  • Freeform — Green Park
  • Funkstörung — Appetite For Disctruction 👈🏿
  • Russell Haswell — Live Salvage 1997-2000
  • Hecker — [R•]
  • Kid 606 — Down With the Scene
  • Richard H. Kirk — Loopstatic
  • Luomo — Vocalcity
  • Matrix — Various Films
  • Moodymann — Forevernevermore
  • Otomo Yoshihide — Cathode 👈🏿
  • Pan American — 360 Business/360 Bypass 👈🏿
  • Pan Sonic & Charlemagne Palestine — Mort Aux Vaches
  • Phonem — Hydro-Electric
  • Photek — Solaris
  • Plaid — Trainer (comp early material) 👈🏿
  • Pole — Pole 3 👈🏿
  • Push Button Objects — Half Dozen 12″ 👈🏿
  • Radian — TG 11
  • Radiohead — Kid A 👈🏿
  • Savath+Savalas — Folk Songs For Trains, Trees And Honey
  • snd — Systems Medley (7″) 👈🏿
  • Soul Center — III
  • Susumu Yokota — Sakura
  • Sutekh — Periods.make.sense
  • Tarwater — Animals, Suns & Atoms
  • Tetsu Inoue & Charles Uzzell-Edwards & Daimon Beail — Audio 👈🏿
  • TV Victor — Timeless Deceleration
  • Uusitalo — Vapaa Muurari Live
  • Cristian Vogel — Rescate 137 👈🏿
  • V/A — Clicks ’n’ Cuts vol. 1 👈🏿
  • We™ — Decentertainment

Top-25 2001 (alles op LP en/of CD, behalve die ene met een 😞 erachter)

  1. Autechre — Confield
  2. Ryoji Ikeda — Matrix
  3. Fennesz — Endless Summer
  4. Rhythm & Sound — s/t
  5. Alog — Duck-Rabbit
  6. Phonophani — Genetic Engineering
  7. Matmos — A Chance to Cut is a Chance to Cure
  8. To Rococo Rot and I-Sound— Music is a Hungry Ghost
  9. Spring Heel Jack (& The Blues Series Continuum) — Masses
  10. Rehberg & Bauer — Passt
  11. Phoenecia — Brownout
  12. Vladislav Delay — Anima
  13. Cannibal Ox — The Cold Vein
  14. Aphex Twin — Drukqs
  15. Mouse on Mars — Idiology
  16. cLOUDDEAD — s/t
  17. Rafael Toral — Violence of Discovery & Calm of Acceptance
  18. Plaid — Double Figure
  19. Oval — Ovalcommers
  20. The Caretaker — A Stairway to the Stars
  21. Shuttle358 — Frame 😞
  22. To Rococo Rot — Kölner Brett
  23. Biosphere — Man With A Movie Camera
  24. Ilpo Vaisanen — Asuma
  25. Eardrum — Side Effects

En verder (alles met 👈🏿 op LP en/of CD)

  • Air — 10000 hz Legend 👈🏿
  • Alva Noto + Opiate — Opto Files
  • Oren Ambarchi — Suspension
  • Asa Chang & Junray — Hana 👈🏿
  • Bedouin Ascent — Junk Force EP 👈🏿
  • Björk — Vespertine 👈🏿
  • Blectum From Blechdom — Haus de Snaus
  • Brothomstates — Claro 👈🏿
  • Chris Clark — Clarence Park 👈🏿
  • Cyclo (Alva Noto + Ryoji Ikeda) — .
  • Richard Devine — Lip Switch 👈🏿
  • Goem — Disco
  • Bernhard Günter — Crossing the River (Night Music)
  • Bernhard Günter — Monochrome White / Polychrome With Neon Nails
  • Richie Hawtin — DE9: Closer to the Edit [ooit gehad!!]
  • Herbert — Bodily Functions
  • Jan Jelinek — Loop-Finding Jazz Records 👈🏿
  • Kid 606 — PS I Love You
  • Komet — Rausch
  • Markant — Infam
  • Stephan Mathieu — Frequencylib
  • Missy Elliott — Miss E…So Addictive 👈🏿
  • Monolake — Cinemascope
  • µ-ziq — Tango N’ Vectif
  • The Other People Place — Lifestyles of the Laptop Café
  • Pole — R 👈🏿
  • Radiohead — Amnesiac 👈🏿
  • Marcus Schmickler — Param
  • Susumu Yokota — Grinning Cat
  • Techno Animal — The Brotherhood of the Bomb
  • Toshimaru Nakamura & Sachiko M — Do
  • Telefon Tel Aviv — Fahrenheit Fair Enough
  • V/A — Clicks ‘n’ Cuts vol. 2 👈🏿