De 10 beste gitaar/rock-platen 2021

Dit jaar maak ik drie lijstjes. Een algemene die ik tegen ’t eind van de maand zal opstellen, een ‘klassieke muziek’-lijstje, en een lijstje met mijn favoriete gitaarplaten: d.w.z. rock in de brede zin. Waarom nu al? Behoudens de nieuwe Body/Head & Dilloway, die waarschijnlijk electronischer zal zijn dan gebruikelijk, voorzie ik niet dat ik nog een rockplaat ga aanschaffen dit jaar. Het is wel goed zo. Dit waren mijn favorieten (reissues niet meegenomen):


1. Mush Lines Redacted (Memphis Industries, cd/lp)

Iedereen heeft ’t over de nieuwerwetse Britse/Ierse postpunk-bandjes Idles, Fontaines DC, The Murder Capital, TV Priest, Shame, Black Midi, Squid, Lice en god verhoede, Black Country New Road. Allemaal leuk en aardig (behalve die laatstgenoemde dan), maar de echte parel onder de huidige Britse generatie gitaarrock-bands is wat mij betreft het in Nederland ondergewaardeerde Mush. Geen typisch hoekige postpunk zozeer. Schizofrener dan Squid, neurotischer dan Black Midi en ronduit contrair. Denk aan Feelies circa Crazy Rhythms: scherpe gitaarlijnen, complexe ritmes en mickey mouse-zang. Die zang lijkt bij velen afkeer te triggeren, maar het hoort er nu eenmaal bij: de vocalen maken het af. Mush’s tweede LP is mijns inziens de allerbeste gitaarplaat van 2021, geen twijfel.

2. HowrahBliss (Subroutine, cd)

Vaak gedraaid. Erg mooie plaat. De melodieën nestelen zich op subtiele wijze in je hoofd, omgeven door de juiste dosis dissonantie. En dat alles hangt harmonisch samen. Er wordt vaak gezegd dat die en die band aan Sonic Youth doen denken. Vaak is dat helemaal niet te horen, afgezien van wat lawaai maken. Maar op Bliss hoor je echt overeenkomsten in de gitaarharmonieën met zo’n plaat als Evol, met alle verschillen en eigenheid. Hypnotiserend goed!

3. VerlainesDunedin Spleen (Schoolkids Records, cd)

Kwam vorig jaar al als exclusief RSD vinyl uit, maar fuck it, ik zet ‘m er gewoon in, want de reguliere cd kwam pas dit jaar uit! Verlaines, de op Dead C na mijn meest favoriete Nieuwzeelandse band. De nieuwe, en waarschijnlijk laatste (Graeme Downes schijnt ernstig ziek te zijn) is een parel. Lekker lang ook. En die stem!, zoals altijd. Ken je ’t niet? Ga dan meteen Hallelujah All The Way Home uit 1985 beluisteren!

4. Alexis MarshallHouse of Lull. House of When (Sargent House, cd)

De zanger van Daughters kwam plotseling met een soloplaat, terwijl iedereen wachtte op de opvolger van het alom geprezen laatste album van Daughters, You Won’t Get What You Want. Met zo’n titel had je ’t eigenlijk ook kunnen weten. Eerst een solo-plaat dus. En wat voor een: in zekere zin ligt de plaat in het verlengde van het weerbarstige post-hardcore idioom van late-stijl Daughters, maar anderzijds is er nog meer noise, nog meer kont tegen de krib. En Marshall is gewoon een podiumbeest, Iggy Pop in het kwadraat. Solo-Marshall kan zich helemaal uitleven zonder het al te strakke rock-keurslijf. Avantnoise, met medewerking van Kristin Hayter (aka Lingua Ignota). Onderga dit noisefest!

5. David Grubbs & Ryley WalkerA Tap On the Shoulder (Husky Pants, cd)

Een van de twee platen van Ryley Walker dit jaar die ik koos. Deze duoplaat met legende David Grubbs (van Squirrel Bait, Bastro & Gastr Del Sol faam) gaat wat mij betreft behoren tot de lange reeks legendarische duetten tussen gitaristen die op plaat zijn vastgelegd. Fantastisch abstract, inventief en spannend tot de laatste noot. Post-post-rock post-rock. De gitaar mag weer, maar dat betekent niet dat we terug moeten naar standaard 3 akkoorden! Nog niet uit op fysieke disc.

6. The Reds, Pinks & PurplesUncommon Weather (Slumberland/Tough Love, cd)

Glenn Donaldson, van voorheen The Skygreen Leopards en de door mij verafgode The Blithe Sons en Thuja uit de jaren nul, flikt ’t met deze debuut-LP 13 pakkende indie-janglepop à la the Television Personalities af te leveren die direct aanspreken, maar tegelijkertijd ook weemoedig reflecteren op zijn thuishaven San Francisco, dat eigenlijk voor kunstzinnige zielen tegenwoordig onbetaalbaar en dus onleefbaar is geworden. Referentiepunt is o.a. Sarah Records. Kenners weten genoeg. Verrukkelijk is het sleutelwoord. De nieuwe plaat staat al weer aangekondigd voor komende februari.

7. Orchestra Of Constant Distress — Concerns (Riot Season, lp)

De laatste plaat van het Zweedse noise-orkest van o.a. Henryk Rylander (van Union Carbide Productions en Skull Defekts faam), Joachim Nordwall (eveneens van Skull Defekts en samen met Rylander in Saturn and the Sun) en Anders Bryngelsson van de beste noiserockband uit Zweden ooit, Brainbombs. Orchestra of Constant Distress is lompe noise/sludgerock. Uiterst primitief, abrasief. Autistische dronkemansmuziek voor hen die het graag elementair houden.

8. Ryley Walker — Course in Fable (Husky Pants, cd)

Ik was Ryley Walker na zijn overdonderende tweede plaat Primrose Green (2015) eerlijk gezegd alweer uit het oog verloren. Maar met zijn nieuwe, Course in Fable, had hij weer meteen mijn aandacht. Walker is de nieuwe Tim Buckley (circa Happy Sad en Starsailor), John Martyn en Van Morrison in één persoon. Breed uitgesponnen jazz-tinged folkrock met complexere arrangementen dan gebruikelijk zijn in rock of bij singer-songwriters. Ik kan er geen genoeg van krijgen. Wel zund dat de cd lijdt aan loudness.

9. SquidBright Green Field (Warp, cs)

Van de nieuwe lichting Britse postpunk-bands in strikte zin die dit jaar in de belangstelling stonden vind ik Squid het leukst. Ik heb ‘m nota bene op cassette gekocht. Af en toe liggen de typische postpunkreferentiepunten (plastieke schrille stem, hoekige gitaar) er wel erg dik bovenop. De krautrockerige uitspattingen op track “Boy Racers” hadden wel wat vaker gemogen wat mij betreft. Al met al toch goed.

10. The ChillsScatterbrain (Fire, lp)

Ik kan de nieuwe van The Chills er niet uit laten, al was het alleen al om de hemelse track “You’re Immortal”. Een Chills-classic in wording. The Chills, of eigenlijk Martin Phillips cum band, beleven een ware heropleving sinds de terugkeer in 2015 met Silver Bullets. Dit is al de 3e studioplaat sinds de comeback. Het is allemaal niet vernieuwend, maar wie klaagt daarover met 10 indiepopjuweeltjes die alleen Phillips kan schrijven?


verder nog goed: LiceWasteland: What Ails Our People / Hedvig Mollestad TrioDing Dong, You’re Dead / Arnold de Boer Minimal Guitar